Versjes

 

Schaapje, schaapje, heb je witte wol?
Schaapje, schaapje heb je witte wol?
Ja baas, ja baas, drie zakken vol
Een voor de meester en een voor zijn vrouw
Een voor het kindje dat bibbert van de kou.
Schaapje, schaapje, heb je witte wol?
Ja baas, ja baas, drie zakken vol

Het regent op de brug.
Het regent op de brug en ik word niet nat
Ik ben nog iets vergeten, maar ik weet niet wat
Kom mijn vriendje dans met mij
Zet je handjes in je zij
Heen en weer, heen en weer
Driemaal in de rondte en ik dans niet meer

Jongens, meisjes aan de kant.
Jongens, meisjes aan de kant
want daar komt een olifant
dikke poten grote oren
en een lange snuit van voren.
Maar wat doet hij met die snuit
hij blaast, hij blaast,
het hele versje uit

Met de vingertjes.
Met de vingertjes, met de vingertjes
met de platte, platte handjes
met de vuistjes, met de vuistjes
met de elleboogjes, klap, klap, klap.

Krokusbolletje.
Krokusbolletje, kom maar uit je holletjes
met je bloempjes paars en geel en je dunne steel

IJscomannetje.
IJscomannetje vroeg of laat
Rijdt met zijn karretje door de straat
En zijn belletje klinkt en roept:
“Kindje, heb je al een ijsco’tje gesnoept?